De gemeente Rotterdam en het Schiekadeblok

Ik vroeg me al een tijd af hoe het nu precies zat met de gemeentelijke positie in het Schiekadeblok. Op deze website vond ik een heldere uiteenzetting, het grapje kostte de gemeente een lieve duit, maar misschien staat Rotterdam dankzij het Schiekadeblok juist wel in al die mooie lijstjes. Vraag is nu, wat gaat er gebeuren met het Schiekadeblok? Er speelt vast wat achter de schermen …

================

De afgelopen weken kregen drie vastgoedprojecten die uit de bocht vlogen en waarbij de overheid een opvallende, weinig professionele rol speelde, bijzondere aandacht. Allereerst de beslissing van de gemeente Rotterdam om de ontwikkelingspositie Schiekadeblok over te nemen van LSI Project Investment. Een opmerkelijke zaak die een lange voorgeschiedenis kent en die de gemeente meer dan 50 miljoen euro kost. Rotterdam krijgt daarvoor weliswaar grond en een vastgoedpositie op het bord geschoven, maar de vraag is of daar iets mee gedaan kan worden. De marktpartijen zullen er in ieder geval geen 50 miljoen euro voor over hebben.

De kern van deze kwestie is de beslissing van PvdA-wethouder Hamit Karakus in 2009 om tijdelijke erfpacht te verlenen aan de locatie Schiekadeblok. Rotterdam had die tijdelijke erfpacht ook toegepast op de locatie Grote Markt in het centrum van de stad waardoor het mogelijke werd de nu veel geprezen Markthal te realiseren. Zonder die tijdelijke erfpacht zou dat nooit zijn gelukt. Andere gemeenten maakten daarna ook gebruik van die tijdelijke erfpachtregeling om projecten die vast dreigden te lopen als gevolg van de vastgoed- en bankencrisis, vlot te trekken. Tijdelijke erfpacht houdt in dat de gemeente als eigenaar van de grond de feitelijke verkoop ervan bij het begin van de bouw uitstelt en ermee akkoord gaat dat de grond wordt betaald als het project is afgerond. Als vergoeding betaalt de ontwikkelaar gedurende de bouwperiode een erfpachtcanon.

Toch was er bij het project Schiekadeblok iets vreemds aan de hand met die tijdelijke erfpacht. Hier was niet de gemeente eigenaar van de grond en de ontwikkelingspositie – zoals in het geval van de Markthal – maar de commerciële ontwikkelaar LSI. Toen LSI de financiering van dit project niet sluitend kreeg, besloot de gemeente eerst voor 52 miljoen euro de locatie van LSI over te nemen, om die vervolgens weer in tijdelijk erfpacht uit te geven. LSI had de bewuste locatie eerder voor de helft van het bedrag in handen gekregen. De aankoop door de gemeente heeft het project overigens niet kunnen redden, want met 52 miljoen euro in het handje kon deze Rotterdamse ontwikkelaar niet eens de verplichte erfpachtcanon betalen. De canonschuld van LSI liep daarna op tot 7 miljoen euro en het hele project – toch goed voor nog 110.000 m2 aan commercieel vastgoed – ligt stil. Met de nieuwe deal is weliswaar LSI van het faillissement gered, maar blijven de gemeente Rotterdam en financier FGH – die LSI ook voor een deel had gefinancierd – wel met de brokken zitten, te weten een miljoenenverlies en een voorlopig waardeloze vastgoedpositie.

Advertenties